Omdat het weer pas tegen de middag beter zou worden, genoot ik nog van een rustig ontbijt in het hotel. En wat voor één: verschillende soorten chocolade, verse muffins, pannenkoeken… alles opgediend in een prachtige zaal. Het contrast met wat nog moest komen, kon bijna niet groter zijn.
Terwijl ik daar zat, voelde ik de spanning stilletjes opbouwen. Ik wist: vandaag wordt geen 'gezellige bergpas', maar een mentale én fysieke test. Dit hotel ga ik nooit vergeten. Hier kom ik ooit opnieuw, samen met mijn vriend – hopelijk dan met iets minder stress in mijn lijf.
- Vermijd het hoogseizoen (juli–augustus) of vertrek heel vroeg: na elf uur staat het er vol met campers en wielertoeristen.
- Check vooraf of de pas open is en controleer remmen, banden en koppeling.
- Plan Stelvio als hoofdfocus van je dag, niet als extraatje na een lange rit. Het volledige hoogteprofiel en de GPX-track vind je in mijn uitgewerkte Stelvio-route.
De klim: 'Ik ben er… of toch niet?'
De beklimming langs de kant van Bormio begon vlotter dan verwacht. Smalle tunnels, scherpe haarspeldbochten en overal rotswanden, maar het voelde allemaal nog controleerbaar. Ik had een goed ritme, keek mooi door de bocht en kon rustig mijn lijn houden.
Boven op de pas voelde het even alsof ik het gehaald had. Ik parkeerde de motor, keek rond en dacht: oké, dit was het dan. Tot ik besefte dat ik eigenlijk pas halverwege was. De kant waar al die iconische foto’s van worden genomen – met die eindeloze reeks haarspeldbochten – dat was de zijde die ik nog moest doen. En dan nog naar beneden ook.


Paniek in bocht 3
Vanaf het uitkijkpunt zag ik de volledige noordkant onder me liggen: drukte, hoogte en 48 bochten die plots heel echt werden. Ik voelde een lichte paniekaanval opkomen. De eerste twee bochten gingen nog goed, maar in bocht 3 liep het mis.
Door druk tegenliggend verkeer kon ik de bocht niet breed aansnijden. Ik koos de binnenkant, verloor mijn lijn en plots lag ik daar: eerst mijn hoofd, dan rolde ik nog een stukje verder. Gelukkig niet hard, geen fysieke letsels – maar mentaal zat ik er helemaal door.
Een andere motorrijder stopte meteen. Hij hielp me recht, controleerde of alles oké was en gaf een paar korte, heldere tips. Maar vooral: hij gaf me moed. Zonder hem was ik daar waarschijnlijk blijven staan twijfelen. Ik was hem zó dankbaar. Dit is precies waarom ik zoveel respect heb voor de motorcommunity: je bent nooit écht alleen.
Je hebt niets te bewijzen: geen enkele pas is het waard om over je grenzen te gaan.
We keep going
De rest van de afdaling was één lange aaneenschakeling van stress. Bocht na bocht aftellen en hopen dat ik beneden zou geraken zonder nog een fout te maken. Genieten zat er eerlijk gezegd niet meer in. Mijn wereld werd heel klein: blik naar waar ik naartoe wilde, juiste versnelling kiezen, niet in paniek schieten.
Beneden, in een klein restaurant langs de weg, kwam alles pas echt binnen. Toen ik mijn vriend belde, kwamen de tranen automatisch. Hij had me op voorhand gewaarschuwd dat Stelvio geen evidente keuze was voor een soloreis en ik voelde me schuldig omdat ik toch gegaan was.
Maar tegelijk voelde ik ook trots. Ik héb het gedaan. Het was niet mooi, niet perfect en allesbehalve Instagram-waardig, maar ik ben beneden geraakt. Nog eens Stelvio rijden? Voor mij hoeft het niet. Eén keer was genoeg.
Wat ik leerde over haarspeldbochten rijden
Stelvio heeft me meer geleerd dan eender welke rijtraining. Een paar dingen neem ik sindsdien altijd mee op andere bergpassen:
Deze tips maken je geen perfecte bergrijder, maar ze helpen wel om het rustiger en bewuster aan te pakken, zeker als je –net als ik– soms wat sneller last hebt van angst in de bergen.
Alles wat ik over deze klim heb verzameld
ITStelvio Pass →hoogteprofiel, GPX-track, foto's van de top en al mijn genummerde haarspelden op een rij.Bolzano en de eerste Dolomieten in zicht
Na Stelvio wilde ik de rest van de rit vooral gewoon "achter de rug" hebben. Mijn volgende bestemming was Selva, mijn eerste stop in de Dolomieten. Maar eerst nog door en rond Bolzano, en laat dat nu net niet het rustigste stukje zijn.
Door werken en een nieuwe rotonde die nog niet op mijn gps stond, reed ik in rondjes. Twintig minuten in druk verkeer zoeken naar de juiste afslag was écht het laatste waar ik nog energie voor had. Maar plots, na al dat beton en verkeer, doken ze op: de eerste Dolomieten-pieken. Zon, groen en die typische grillige rotsformaties.
Op dat moment voelde ik heel duidelijk: hier ga ik terug op adem komen. Waar Stelvio pure overleving was, beloofden de Dolomieten eerder flow en genieten te worden.
Laatste obstakel: de parking
Aan het hotel in Selva wachtte nog één laatste uitdaging: een steile spiraalparking naar beneden. Vandaag even niet, dacht ik. Maar er was geen alternatief. Uiteindelijk bleek het niets vergeleken met Stelvio, maar mentaal was ik op.
Ik reed voorzichtig naar beneden, parkeerde de motor en besliste één ding: vanavond ga ik nergens meer heen. Ik bleef in het hotel, genoot van het zwembad naast mijn kamer en ’s avonds van rosé, San Pellegrino, rosbief en tiramisu.
Morgen rijd ik verder door de Dolomieten, wetende dat dit de laatste echte bergdag zal zijn van deze reis. Mijn hart is nog niet klaar om afscheid te nemen, maar mijn lichaam weet dat het stilaan tijd is om terug naar huis te keren.





